HomeTekstfunctiesUNICODE() functie

UNICODE() functie

UNICODE functie in Excel

Samenvatting UNICODE() functie

De UNICODE() functie in Excel zet een teken om naar het overeenkomstige Unicode-nummer. Deze functie is bijzonder handig wanneer je werkt met internationale tekens, speciale symbolen of wanneer je tekstgegevens wilt analyseren of opschonen. Unicode is de wereldwijde standaard voor de codering van letters, cijfers en symbolen. Door UNICODE() te gebruiken, kun je achterhalen welk nummer bij een specifiek teken hoort, bijvoorbeeld om dat teken later met TEKEN() weer terug te converteren.

Vertaling

Nederlands: UNICODE()
Engels: UNICODE()
Duits: UNICODE()

Resultaat waarde

Geeft als resultaat het nummer (codepunt) dat overeenkomt met het eerste teken van de tekst

Doel

Het doel van de UNICODE() functie is om het Unicode-nummer van het eerste teken in een tekst te retourneren. Dit is nuttig bij tekstverwerking, foutopsporing of bij het ontwikkelen van functies die afhangen van specifieke symbolen of karakters.

Syntaxis

=UNICODE(tekst)

Argumenten

tekst
Dit is de tekst waarvan je het Unicode-nummer wilt weten. De functie kijkt alleen naar het eerste teken in de opgegeven tekst.
Als je bijvoorbeeld "A" opgeeft, geeft de functie 65 terug, omdat dat de Unicode-waarde is van de hoofdletter A.
Wanneer je meerdere tekens invoert, zoals "AB", wordt alleen het eerste teken (A) geëvalueerd.

Gebruik van UNICODE() functie

Je gebruikt de UNICODE() functie wanneer je wilt weten welk numeriek Unicode-teken bij een bepaald symbool hoort. Dit kan bijvoorbeeld handig zijn wanneer een dataset vreemde tekens bevat of wanneer je tekst moet converteren tussen systemen die verschillende tekencoderingen gebruiken.

Bijvoorbeeld, als je wilt weten welk Unicode-nummer hoort bij het euroteken (€), gebruik je:

=UNICODE("€")

Het resultaat is 8364, wat het Unicode-getal is van het euroteken.

Je kunt de functie ook gebruiken in combinatie met TEKEN() om het omgekeerde te doen. Stel dat je een Unicode-nummer hebt en wilt weten welk teken daarbij hoort:

=TEKEN(UNICODE("B"))

Deze formule geeft “B” terug, omdat de Unicode van “B” 66 is.

Een praktisch voorbeeld is wanneer je werkt met tekstbestanden waarin soms onzichtbare karakters zitten (zoals niet-afdrukbare tekens). Door UNICODE() te combineren met ALS() kun je die detecteren en verwijderen:

=ALS(UNICODE(LINKS(A1;1))<32;"Onzichtbaar teken";"Normaal teken")

Zo kun je bepalen of een tekstveld begint met een controlekarakter (bijvoorbeeld een spatie of tabs).
Ook in combinatie met INDIRECT() of BLAD() kan de functie nuttig zijn als je dynamisch tekens uit cellen wilt controleren.

Waarom UNICODE() functie gebruiken?

De UNICODE() functie is krachtig wanneer je met internationale gegevens werkt. In veel bestanden kunnen vreemde symbolen opduiken, vooral als data afkomstig is van verschillende systemen of talen. Door de Unicode-waarde te achterhalen, kun je deze karakters herkennen, corrigeren of converteren.

Stel, je wilt controleren of een cel begint met een cijfer. Je kunt dit doen via:

=ALS(EN(UNICODE(LINKS(A1;1))>=48;UNICODE(LINKS(A1;1))<=57);"Cijfer";"Geen cijfer")

Hier controleer je de Unicode-waarden van 0 tot 9 (48–57).

Een veelvoorkomende fout is dat men verwacht dat UNICODE() alle tekens van een tekst controleert. Dat doet de functie niet: alleen het eerste teken wordt geëvalueerd. Wil je meerdere tekens tegelijk analyseren, dan zul je met extra functies (zoals DEEL() of LENGTE()) moeten werken.

Opmerkingen UNICODE() functie

  • UNICODE() retourneert alleen een geheel getal.
  • De functie kijkt enkel naar het eerste teken van de tekst.
  • Als de tekst leeg is, geeft Excel de fout #WAARDE!.
  • Werkt goed met zowel letters, cijfers als symbolen.
  • De Unicode-nummers zijn onafhankelijk van landinstellingen.
  • In Excel Online en Mobile werkt de functie identiek aan de desktopversie.
  • Niet-afdrukbare tekens (zoals tabs of regeleinden) leveren soms onverwachte Unicode-waarden op.
  • Unicode verschilt van ASCII: ASCII gebruikt waarden tot 127, Unicode gaat veel verder (tot boven 65.000).
  • De functie werkt niet met tekenreeksen in hexadecimale notatie; voer altijd een echt teken in.
  • UNICODE() is niet hetzelfde als CODE(); deze gebruikt de ANSI-waarde, die afhankelijk is van je taalinstellingen.
~ Advertentie ~

= POST ( 'Gerelateerd' )

ZOEKEN() functie

De ZOEKEN() functie in Excel zoekt waarden in één rij of kolom en haalt de bijbehorende waarde op uit een ander bereik.

KUBUSLIDEIGENSCHAP() functie

De KUBUSLIDEIGENSCHAP() functie haalt eigenschappen van kubusleden op, zoals namen of sleutels, ideaal voor geavanceerde BI-analyses in Excel.

KOLOMMEN() functie

KOLOMMEN() functie telt het aantal kolommen in een matrix en helpt bij dynamische Excel-berekeningen en overzichtelijke data-analyse.

Excel ALS formule: ALS cel gelijk is aan

ALS cel gelijk is aan een specifieke waarde, kun je in Excel automatisch acties uitvoeren op basis van de inhoud van die cel.

Z.TOETS() functie

De Z.TOETS() functie berekent de z-score van een waarde binnen een reeks. Ontdek de syntaxis, voorbeelden en praktische tips voor betrouwbaar statistisch rekenen in Excel.

BETAVERD() functie

De BETAVERD() functie berekent kansen binnen een beta­verdeling. Ideaal voor statistische analyses, risicomodellen en simulaties. Inclusief uitleg, voorbeelden en praktische tips.
~ Advertentie ~

= WEEK ('Top 5')

JAAR() functie

De JAAR functie in Excel geeft als resultaat het jaar van een datum als een 4-cijferig getal. Het jaar wordt uitgedrukt als een geheel getal tussen 1900 en 9999.

DATUM() functie

De Excel DATUM functie maakt van afzonderlijke waarden voor jaar, maand en dag een geldige datum. Je kunt deze functie gebruiken om dynamisch datums samen te stellen op basis van andere celwaarden in je werkblad.

NETTO.WERKDAGEN() functie

De NETTO.WERKDAGEN geeft het aantal volledige werkdagen tussen een begindatum en een einddatum. Zaterdag en zondag en datums die zijn gedefinieerd zijn als feestdagen gelden niet als werkdagen.

Wachtwoord Excel werkblad beveiliging kraken

Met de volgende macro code is het mogelijk om de beveiliging van een met wachtwoord beveiligd werkblad op te heffen.

VERGELIJKEN() functie

Met de VERGELIJKEN functie kun je de positie bepalen van een zoekwaarde in een zoek-matrix (rij, kolom, tabel of bereik). De functie ondersteunt exact, benaderend of wildcards (*?) voor gedeeltelijk resultaat.
~ Advertentie ~

= FUNCTIE ('Top 10')

~ Advertentie ~

= EXCEL ( 'categorieën' )

~ Advertentie ~