HomeTekstfunctiesTEKST.NA() functie

TEKST.NA() functie

TEKST.NA functie in excel

Samenvatting TEKST.NA() functie

De TEKST.NA() functie in Excel is de tegenhanger van de TEKST.VOOR() functie. Ze helpt je om het deel van een tekst op te halen ná een opgegeven scheidingsteken of woord. Denk aan het gedeelte van een e-mailadres na het @-teken, of de productcode na een streepje. In plaats van ingewikkelde combinaties met DEEL(), VIND.SPEC() of LENGTE(), kun je met TEKST.NA() in één stap precies dat deel van de tekst selecteren dat je nodig hebt.

De functie is vooral nuttig bij het opschonen van tekstdata, het scheiden van velden die in één cel staan of bij het analyseren van gegevens uit externe bronnen. Samen met TEKST.VOOR() vormt deze functie een van de meest praktische tools voor tekstanalyse in Excel.

Vertaling

Nederlands: TEKST.NA()
Engels: TEXTAFTER()
Duits: TEXTNACH()

Resultaat waarde

Pak alle tekst na een bepaald teken of woord, gooi rest weg

Doel

Het doel van de TEKST.NA() functie is om tekst te retourneren die direct volgt op een opgegeven scheidingsteken. Zo kun je eenvoudig specifieke delen van een tekst isoleren zonder complexe formules te gebruiken. Je kunt bijvoorbeeld het domein van een e-mailadres ophalen, of het type van een productcode.

Syntaxis

=TEKST.NA(text; delimiter; [instance_num]; [match_mode]; [match_end]; [if_not_found])

Argumenten

De functie is in het Nederlands, de argumenten in het Engels.

text
De tekst waarin je wilt zoeken. Dit kan een tekstwaarde zijn, zoals "peter.jansen@bedrijf.nl", of een celverwijzing zoals A2.

delimiter
Het scheidingsteken of de reeks tekens waar Excel op zoekt om te bepalen vanaf welk punt de tekst moet worden opgehaald. Dit kan een spatie, punt, komma, streepje of ander symbool zijn.

instance_num [optioneel]
Bepaalt de instantie van het scheidingsteken waarop Excel zich moet richten. Standaard gebruikt Excel de eerste keer dat het scheidingsteken voorkomt. Geef bijvoorbeeld 2 op om de tekst na het tweede scheidingsteken te krijgen.

match_mode [optioneel]
Hiermee geef je aan of de vergelijking hoofdlettergevoelig moet zijn. De standaardwaarde is 0 (hoofdlettergevoelig). Gebruik 1 om de vergelijking niet-hoofdlettergevoelig te maken. Dit is vooral handig wanneer je werkt met datasets waarin inconsistent hoofdlettergebruik voorkomt.

match_end [optioneel]
Als deze waarde 1 is, zoekt de functie ook naar overeenkomsten aan het einde van de tekst. Dit kan nuttig zijn bij gegevens die soms eindigen met een scheidingsteken, zoals "artikel-".

if_not_found [optioneel]
De tekst die Excel moet weergeven als het opgegeven scheidingsteken niet wordt gevonden. Als dit argument niet wordt ingevuld, geeft de functie een #WAARDE!-fout terug. Handig is om een melding als "Niet gevonden" op te geven om foutmeldingen te vermijden.

Gebruik van TEKST.NA() functie

De TEKST.NA() functie gebruik je om eenvoudig dat deel van de tekst te halen dat volgt op een scheidingsteken. Stel dat in cel A2 het e-mailadres peter.jansen@bedrijf.nl staat. Met deze formule haal je het domein eruit:

=TEKST.NA(A2; "@")

Het resultaat is bedrijf.nl.

Je kunt ook productinformatie splitsen. Stel dat A2 de tekst PROD_1234_NL bevat, en je wilt alleen het landgedeelte tonen.

=TEKST.NA(A2; "_"; 2)

Dan krijg je NL.

Gebruik de functie ook met ALS() om foutmeldingen te voorkomen:

=ALS(ISFOUT(TEKST.NA(A2; "_")); "Geen scheidingsteken"; TEKST.NA(A2; "_"))

In rapportages of dashboards kun je TEKST.NA() combineren met INDIRECT() of BLAD(), bijvoorbeeld om dynamisch verwijzingen naar tabbladnamen of celinhoud te maken. Zo kun je automatisch gegevens verwerken uit werkbladen met uniforme naamstructuren, zoals “Data_2025” of “Rapport_Januari”.

Waarom TEKST.NA() functie gebruiken?

De TEKST.NA() functie maakt tekstbewerking in Excel eenvoudiger en overzichtelijker. In plaats van meerdere geneste functies zoals DEEL(), VIND.SPEC() en LENGTE() te combineren, kun je nu één enkele formule gebruiken om tekst na een scheidingsteken op te halen. Dit bespaart tijd en voorkomt fouten.

Bijvoorbeeld, de oude methode voor het ophalen van de tekst na het apenstaartje in een e-mailadres was:

=DEEL(A2; VIND.SPEC("@";A2)+1; LENGTE(A2))

Met TEKST.NA() wordt dit aanzienlijk eenvoudiger:

=TEKST.NA(A2; "@")

Veelgemaakte fouten zijn het niet opgeven van een geldig scheidingsteken of het vergeten van het argument if_not_found. Dit kan leiden tot foutmeldingen bij onvolledige gegevens. Door een standaardtekst voor if_not_found toe te voegen, kun je dit voorkomen.

Gebruik TEKST.NA() samen met TEKST.VOOR() om data volledig te splitsen. Zo kun je bij A2 = "Jansen, Peter" met twee formules zowel de achternaam als de voornaam ophalen:

=TEKST.VOOR(A2; ",")
=TEKST.NA(A2; ",")

Zo ontstaat een nette scheiding tussen naamonderdelen zonder handmatige bewerking.

Aan het einde van de dag maakt deze functie je werkbladen niet alleen schoner en logischer, maar ook beter leesbaar voor collega’s.

Samengevat, gebruik TEKST.NA() wanneer je:

  • Tekst wilt extraheren ná een bepaald scheidingsteken.
  • Data wilt opschonen of herschikken.
  • Complexe tekstformules wilt vervangen door kortere, overzichtelijke formules.

Opmerkingen TEKST.NA() functie

  • TEKST.NA() is beschikbaar in Excel 365, Excel voor het web en Excel Mobile.
  • De functie is niet compatibel met oudere Excel-versies of Excel Starter.
  • De Engelse functienaam is TEXTAFTER().
  • Werkt goed met meerdere tekens als scheidingsteken, bijvoorbeeld "_NL".
  • Ondersteunt Unicode, emoji en speciale tekens.
  • Combineer met TEKST.VOOR() voor complete tekstsplitsing.
  • Als het scheidingsteken ontbreekt, retourneert Excel een #WAARDE! tenzij je if_not_found gebruikt.
~ Advertentie ~

= POST ( 'Gerelateerd' )

SOMPRODUCT() functie

De SOMPRODUCT() functie vermenigvuldigt waarden in reeksen en telt ze op, handig voor omzetberekeningen en complexe analyses in Excel.

UNICODE() functie

De UNICODE() functie geeft het Unicode-nummer van het eerste teken in een tekst terug. Handig voor data-analyse, tekencodering en internationale symbolen.

BEREIKEN() functie

Leer hoe de BEREIKEN() functie in Excel cel- en bereikkenmerken ophaalt. Inclusief praktische voorbeelden, veelvoorkomende fouten en tips voor efficiënt gebruik.

AANTALARG() functie

De AANTALARG functie in Excel retourneert het aantal cellen dat getallen, tekst, logische waarden, foutwaarden en lege tekst ("") bevat. AANTALARG telt geen lege cellen.

KOLOMMEN() functie

KOLOMMEN() functie telt het aantal kolommen in een matrix en helpt bij dynamische Excel-berekeningen en overzichtelijke data-analyse.

ABS() functie

De ABS() functie in Excel zet negatieve getallen om in positieve waarden. Handig bij berekeningen, vergelijkingen en foutcontroles in je werkbladen.
~ Advertentie ~

= WEEK ('Top 5')

JAAR() functie

De JAAR functie in Excel geeft als resultaat het jaar van een datum als een 4-cijferig getal. Het jaar wordt uitgedrukt als een geheel getal tussen 1900 en 9999.

DATUM() functie

De Excel DATUM functie maakt van afzonderlijke waarden voor jaar, maand en dag een geldige datum. Je kunt deze functie gebruiken om dynamisch datums samen te stellen op basis van andere celwaarden in je werkblad.

NETTO.WERKDAGEN() functie

De NETTO.WERKDAGEN geeft het aantal volledige werkdagen tussen een begindatum en een einddatum. Zaterdag en zondag en datums die zijn gedefinieerd zijn als feestdagen gelden niet als werkdagen.

Wachtwoord Excel werkblad beveiliging kraken

Met de volgende macro code is het mogelijk om de beveiliging van een met wachtwoord beveiligd werkblad op te heffen.

INDEX() functie

De INDEX functie geeft als resultaat een waarde of de verwijzing naar een waarde vanuit een tabel of bereik. Je kunt de functie gebruiken om een enkele waarde op te halen of een hele rij of kolom.
~ Advertentie ~

= FUNCTIE ('Top 10')

~ Advertentie ~

= EXCEL ( 'categorieën' )

~ Advertentie ~