Samenvatting TEKEN() functie
De TEKEN() functie in Excel is een eenvoudige maar krachtige functie waarmee je een getal kunt omzetten naar het bijbehorende teken volgens de ASCII- of Unicode-waarde. Dit is vooral handig wanneer je werkt met symbolen, codes of tekens die niet direct via het toetsenbord invoerbaar zijn. Denk bijvoorbeeld aan een spatie, een regelafbreking of een speciaal teken zoals © of ™.
Je kunt deze functie goed combineren met andere tekstfuncties, zoals CODE(), TEKST() of TEKST.SAMENVOEGEN(), om dynamisch teksten of symbolen te genereren.
Vertaling
Nederlands: TEKEN()
Engels: CHAR()
Duits: ZEICHEN()
Resultaat waarde
Geeft als resultaat het teken dat bij de opgegeven code hoortDoel
Het doel van de TEKEN() functie is het omzetten van een numerieke waarde naar het overeenkomende karakter in de ASCII- of Unicode-tabel. Hiermee kun je symbolen toevoegen of dynamisch tekst opbouwen binnen een formule.
Syntaxis
=TEKEN(tekst)
Argumenten
getal
Het numerieke getal dat verwijst naar de ASCII- of Unicode-waarde van het teken dat je wilt weergeven.
Het getal moet een geheel getal zijn tussen 1 en 255 (voor ASCII) of, afhankelijk van het gebruikte platform, tussen 1 en 65535 bij gebruik van Unicode in moderne Excel-versies.
Gebruik van TEKEN() functie
De TEKEN() functie wordt vaak gebruikt om speciale tekens te genereren die niet direct via het toetsenbord te typen zijn. Bijvoorbeeld:
Als je een nieuwe regel in een cel wilt toevoegen met behulp van een formule, kun je het regelafbrekingsteken (ASCII 10) gebruiken:
="Naam:" & TEKEN(10) & "Ted Kapitein"
Hiermee voeg je een regelafbreking toe tussen “Naam:” en de naam zelf.
(Vergeet niet: om dit correct weer te geven, moet je in Excel “Tekstterugloop” inschakelen.)
Een ander praktisch voorbeeld is het genereren van een reeks symbolen. Stel dat je in een tabel een ster (★) wilt tonen om een beoordeling weer te geven. Dan kun je de TEKEN() functie gebruiken in combinatie met HERHALING():
=HERHALING(TEKEN(9733);3)
Dit toont drie sterren (★★★).
Ook kun je de functie gebruiken om niet-zichtbare tekens te verwijderen in combinatie met SUBSTITUEREN() of WISSEN.CONTROL() wanneer je weet welke ASCII-code het ongewenste teken heeft.
De TEKEN() functie werkt uitstekend samen met CODE(), de omgekeerde functie, die juist de numerieke code van een teken teruggeeft. Zo kun je controleren welke tekens overeenkomen met welke codes:
=CODE("A") → 65
=TEKEN(65) → "A"
Samen vormen deze functies een krachtige combinatie bij het manipuleren van tekstgegevens, bijvoorbeeld bij het importeren van data of het corrigeren van bestandsindelingen.
Waarom TEKEN() functie gebruiken?
De TEKEN() functie is onmisbaar wanneer je dynamische tekens wilt toevoegen zonder handmatig symbolen in te voeren. Dit is bijzonder nuttig in geautomatiseerde rapporten, facturen of dashboards. Denk bijvoorbeeld aan het genereren van opsommingstekens, pijlen of regelafbrekingen tussen tekstonderdelen.
Wanneer je bijvoorbeeld een lijst van producten automatisch wilt scheiden met een komma en een spatie, kun je dit doen met:
=TEKST.SAMENVOEGEN(A1;TEKEN(44)&TEKEN(32);B1)
Of je wilt de uitvoer van formules leesbaarder maken door een enter toe te voegen:
="Resultaat:" & TEKEN(10) & B2
Veelvoorkomende fouten treden op wanneer het getal buiten het bereik 1–255 valt, of wanneer Excel de Unicode-code niet ondersteunt (bijvoorbeeld in oudere versies of in Excel Starter).
Een handige tip is om altijd te controleren welke waarde een teken heeft via CODE(), zodat je weet welke ASCII-code je moet gebruiken in TEKEN().
Opmerkingen TEKEN() functie
- TEKEN() retourneert het teken dat overeenkomt met de opgegeven code in de tekenset die door jouw systeem wordt gebruikt (meestal ANSI of Unicode).
- De functie accepteert alleen gehele getallen. Een decimale waarde zoals 65,4 wordt afgerond naar 65.
- Waarden kleiner dan 1 of groter dan 255 kunnen een foutmelding (#WAARDE!) opleveren.
- In moderne Excel-versies (365/2021) ondersteunt TEKEN() Unicode, maar dit kan verschillen tussen platforms.
- In Excel voor het web kunnen sommige symbolen niet correct worden weergegeven.
- Excel Mobile heeft beperkte ondersteuning voor niet-standaard Unicode-tekens.
- Bij gebruik van
=TEKEN(10)wordt een regelafbreking ingevoegd. Deze is alleen zichtbaar met ingeschakelde “Tekstterugloop”. - ASCII-codes 1 t/m 31 worden beschouwd als niet-afdrukbare tekens (control characters).
- TEKEN() is de Nederlandse versie van de Engelse functie CHAR().
- De functie kan nuttig zijn bij het opschonen van gegevens uit tekstbestanden of CSV’s waarin vreemde tekens voorkomen.

