Samenvatting ISLOGISCH() functie
De ISLOGISCH() functie in Excel is een eenvoudige maar krachtige controlefunctie waarmee je kunt testen of een bepaalde cel of waarde een logische waarde is — dat wil zeggen WAAR of ONWAAR. Deze functie wordt vaak gebruikt in combinatie met andere logische of fout afhandelingsfuncties, zoals ALS(), ISGETAL() of ISFOUT(), om te bepalen of een formule de juiste soort gegevens teruggeeft.
Wanneer je werkt met dynamische formules of complexe berekeningen, helpt ISLOGISCH() je te controleren of de uitkomst van een berekening logisch is, zodat je fouten of verkeerde aannames kunt voorkomen.
Vertaling
Nederlands: ISLOGISCH()
Engels: ISLOGICAL()
Duits: ISTLOG()
Resultaat waarde
Geeft als resultaat WAAR als de waarde een logische waarde isDoel
Het doel van de ISLOGISCH() functie is te bepalen of een cel of expressie een logische waarde bevat. Als dat zo is, retourneert Excel WAAR; als het iets anders is (zoals een getal, tekst, fout of lege cel), dan geeft Excel ONWAAR terug. Het is een nuttige manier om te controleren of een logische test correct werkt binnen grotere formules.
Syntaxis
=ISLOGISCH(waarde]
Argumenten
waarde
Dit is het argument dat je wilt testen. Het kan een celverwijzing, een formule of een directe waarde zijn. Excel controleert of deze waarde gelijk is aan de logische waarde WAAR of ONWAAR. Als dat het geval is, geeft de functie WAAR terug. In alle andere gevallen geeft ze ONWAAR.
Gebruik van ISLOGISCH() functie
Je gebruikt ISLOGISCH() vooral wanneer je wilt weten of een uitkomst echt een logische waarde is. Dit is handig bij het bouwen van complexe formules met meerdere voorwaarden. Stel dat je wilt testen of een formule als uitkomst WAAR of ONWAAR geeft. In dat geval kun je de functie als volgt gebruiken:
=ISLOGISCH(A2>10)
Als de waarde in cel A2 groter is dan 10, geeft de formule WAAR terug. Omdat dit een logische waarde is, geeft ISLOGISCH() ook WAAR.
Een praktisch voorbeeld:
Stel dat je een kolom hebt met testresultaten en je wilt nagaan of een formule zoals =A2>B2 logisch werkt. Door ISLOGISCH() te gebruiken, kun je valideren of de formule goed functioneert, vooral in combinatie met ALS():
=ALS(ISLOGISCH(A2>B2); "Logisch resultaat"; "Geen logische waarde")
In dit voorbeeld toont Excel “Logisch resultaat” wanneer de vergelijking geldig is, anders “Geen logische waarde”.
Je kunt ISLOGISCH() ook combineren met INDIRECT() om te controleren of een indirecte verwijzing een logische waarde bevat, of met BLAD() en BLADEN() om specifieke tabbladen te controleren waar logische tests plaatsvinden.
Waarom ISLOGISCH() functie gebruiken?
De ISLOGISCH() functie helpt om je formules robuuster te maken. Vaak werk je met functies zoals ALS() of EN(), en soms leveren deze onverwachte resultaten op. Met ISLOGISCH() kun je controleren of het resultaat van zo’n vergelijking echt logisch is.
Bijvoorbeeld, als je met formules werkt die afhankelijk zijn van een andere berekening:
=ALS(ISLOGISCH(B2=C2); "Vergelijking geldig"; "Controleer formule")
Hier controleer je of de vergelijking tussen B2 en C2 logisch verloopt. Als B2 of C2 tekst bevat, voorkomt ISLOGISCH() dat de formule onbedoelde fouten doorgeeft.
Een veelvoorkomende fout is dat men verwacht dat Excel automatisch begrijpt dat een formule logisch is, terwijl de uitkomst eigenlijk een tekstwaarde is zoals “WAAR” (tussen aanhalingstekens). ISLOGISCH() helpt dat onderscheid te maken: alleen echte logische waarden zonder aanhalingstekens worden als geldig beschouwd.
Gebruik de functie dus als controle-laag bij complexe werkbladen waarin de logica van de berekeningen cruciaal is.
Opmerkingen ISLOGISCH() functie
- ISLOGISCH() retourneert alleen WAAR als de waarde exact WAAR of ONWAAR is.
- Tekst die eruitziet als “WAAR” of “ONWAAR” wordt beschouwd als tekst, niet als logische waarde.
- De functie is vooral nuttig in combinatie met ALS(), EN(), OF() en NIET().
- Wanneer de functie wordt toegepast op een lege cel, retourneert ze ONWAAR.
- Je kunt ISLOGISCH() niet direct gebruiken op matrixberekeningen zonder aanvullende functies.
- In Excel Online en Mobile werkt de functie op dezelfde manier als in de desktopversie.
- Er zijn geen optionele argumenten; enkel één verplicht argument is toegestaan.
- De functie geeft nooit een foutwaarde terug, tenzij het argument zelf een fout is.
- ISLOGISCH() negeert de opmaak van cellen, alleen de daadwerkelijke waarde telt.
- De functie kan goed gebruikt worden in validatieregels of foutcontrolelogica.

